Eigenheid en ruimte

 

 

 

 

 

Als er meer bewustzijn er in het lichaam komt, verandert je wereld-beleving ook. De naar de buitenwereld gerichte beleving wordt een meer innerlijke en lijfelijke ervaring. Verhalen worden meer gevoels-omschrijvingen. We komen uít het contextuele verhaal en meer ín het voelen; wat doet het werkelijk met mij? Wat gebeurt er ‘hier’, in mij?

Als je dit toe-eigent (‘alles is mijn ervaring, het is niet buiten mij, ook al lijkt dat zo’) krijg je een andere beleving. Je gaat jezelf meer als ruimte ervaren. Zo kun je ervaren jij, als deze ruimte, soms heel ruim voelt, dan nauwer wordt, soms heel dicht is, en soms onbegrensd ruim is. Het is dynamisch, veranderend. Je opent en je sluit weer. En dat gebeurt automatisch. Zo reageert jouw systeem.

Het is bijzonder om bij de dynamiek van de innerlijke ervaring te blijven én de beïnvloeding van buitenaf te blijven voelen. Je (eigen) ruimte voelbaar houden, zónder iets te veranderen aan wat buitenaf plaatsvindt.

De ander (of het andere) kan ons niets aandoen, het gebeurt in je eigen ervaring. Het líjkt bijvoorbeeld dat een ander (of de situatie) je verdriet aandoet, maar het is en blijft je eigen verdriet. Het is intiem om hierbij te zijn, dit gaat over ‘alleen zijn’. Je gaat ‘uit relatie met de wereld’, maar zonder deze te verlaten. Je beseft dat je die wereld Bent. Inclusief de beïnvloedingen.

Er komt meer acceptatie naar alle invloeden van buitenaf,  omdat deze ons telkens weer uitnodigen om ‘er in te blijven’ en daarmee in contact te blijven. En je wordt je ook bewuster van je eigen invloed naar de buitenwereld. Dit geeft wakkerheid en compassie. Je blijft in het hart van iedere ervaring.